Istanbul, güle güle Europe! – 13 mei 2016

‘We zijn vuil, hè mama’ verkondigt Felix luid als hij zijn handen eens goed bekijkt. En hij heeft gelijk. Onze eerste kans om naar een Turkse hamam te gaan in het pittoreske Safranbolu nemen we dan ook met beide (vuile) handen. In Stip, Macedonië, hebben we de kinderen een eerste introductie tot publieke baden gegeven, ik met de meisjes, Jérôme met Felix, en iedereen had daar echt van genoten. Het gevoel van nog eens helemaal schoon te zijn, aaahhhhh!!! En vanavond kruipt iedereen nog eens schoongeboend in bed!

De afgelopen dagen hebben we Istanbul onder een straalblauwe hemel ontdekt, met als uitvalsbasis een parking aan de Bosphorus, net onder de blauwe moskee. Qua ligging kan je niet beter vinden in Istanbul. Verder was er aan de parking weinig charmants, overdag werd er wat rondgehangen en gevist, in het weekend en ‘s avonds kwamen er koppeltjes in hun auto wat flirten of feest vieren; de laatste nacht stonden er, toen de muezzin van de blauwe moskee rond 5u opriep voor het ochtendgebed, een hele groep jongeren rond een auto te drinken, roken en dansen op steeds hetzelfde nummer.

Voor ons vertrek stond ik wat weigerachtig tegenover ons bezoek aan Istanbul, twijfelde ik of het wel een goed idee was om Istanbul te bezoeken, nadat er de laatste maanden verschillende aanslagen hadden plaatsgevonden. Na de aanslagen in Brussel te hebben beleefd, te hebben gevoeld hoe een stad in ‘lock-down’ voelt, te hebben gemerkt dat het leven gewoon voort gaat en de confronterende vastelling te hebben gedaan dat je aan terrorisme in je stad went, stond ik plots al een pak minder weigerachtig tegenover een bezoek aan Istanbul. Toen we er uiteindelijk waren kwam het maar af en toe in me op, alleszins minder dan de weken na de eerste lock-down van Brussel in november, toen ik, waar ik ook kwam, bewust of onbewust, steeds op zoek was naar een plek om me te verbergen mocht het nodig zijn. En Brusselaars, hoe voelt Brussel tegenwoordig?

Een grootstad ontdekken met drie jonge kinderen is niet altijd even evident, maar mits een compromis van cultuur/speeltuin/wandelen/ijsjes zijn het een paar erg leuke dagen geweest. We hebben leuke wijkjes ontdekt, door de bazaar gestruind, hebben verschillende keren de boot genomen naar een ander stadsdeel, een van de Prinseneilanden bezocht, terwijl onze kinderen door iedereen geaaid, gekust en volgepropt werden met lokum, koekjes en fruit. De wijk Sultanahmet met de blauwe moskee, het Topkapi paleis en de Aya Sofia, die we allemaal vol verwondering bezocht hebben (wij voor haar architectuur, de mozaïeken, de geschiedenis, zij omwille van het goud, de ronddwalende poezen en standbeelden van leeuwen in het Topaki paleis), kenden we al snel, want elke dag passeerden we daar om terug naar huis te gaan. ‘Zijn we nu weeral bij die blauwe moskee’?

Istanbul buiten rijden blijkt een heel pak makkelijker dan de stad inrijden, waar we drie uren (en zeker anderhalf uur stressvol en verdwaald) over gedaan hebben. Bemand met een betere gps-app rijden we over de Galata brug en laten we niet veel later het Europese continent achter ons. Azië ligt voor ons, klaar om door ons ontdekt te worden! Onze ‘proloog’ door Europa heeft deugd gedaan. In de eerste plaats zijn we langs prachtige streken gepasseerd die ongelofelijk veel goesting geven om verder en uitgebreider ontdekt te worden. We hebben ook tijd gehad om de camion te leren kennen, het rijden en het samenleven in een kleine ruimte en het creëren van nieuwe routines. En hebben we al snel kunnen vaststellen dat het ons best goed afgaat. Aan niet werken, aan genieten van de kleine dingen en aan een minder druk leven wen je blijkbaar best snel! Regendagen en vastzitten in de camion zijn niet de beste momenten maar het ziet er naar uit dat die gedaan zijn. Het kwik stijgt gestaag, zweten zullen we, de komende maanden!

La route aux 5000 virages – 16 mei 2016

Existe-t-il route plus belle, plus sinueuse, plus vertigineuse que celle qui relie Amasra et Sinop le long de la Mer Noire en Turquie? Sans doute que oui quelque part en cherchant bien, mais en ce qui nous concerne ces derniers 300 kilomètres resteront gravés dans nos mémoires. Pourtant nous en avons parcourues de bien jolies déjà à ce stade du voyage. Celle qui nous emmena sur les hauteurs du nord de la Slovénie par exemple, sauvage, alternant forêts de feuillus denses dans les pentes et prairies tendres sur les plateaux. Celle qui traverse les montagnes du nord de la Croatie avec ses petits hameaux pittoresques. Celle qui longe la côte sud de la Croatie est fabuleuse aussi et mieux vaut ne pas trop regarder du côté du précipice. Mais celle-ci les surpasse quand même. Ça monte et ça descend sans cesse. Un virage tous les cinquante mètres. Sur les hauteurs une vue magnifique sur les eaux turquoises de la Mer Noir (vu le peu de connexions wifi nous n’avons pas encore pu trouver le sens étymologique de son nom, notre Lonely Planet ne nous aide pas et nos connaissances de la langue turque ne nous permet pas d’interroger les locaux à ce sujet. Quelqu’un peut-il nous éclairer?) et à droite les flancs des montagnes qui montrent des traces de récents glissements de terrain (frissons….). Quand on redescend, on rentre dans les terres en traversant une nature verdoyante et joliment fleurie vu la saison. On y voit de nombreux noyers et noisetiers (Savez-vous que la Turquie est le plus grand exportateur de noisettes au monde?). On traverse un petit pont et puis ça remonte et on retrouve les vues incroyables sur la mer.

Les pauses photos sont un peu difficiles vu qu’on se trouve toujours bien à l’entrée ou à la sortie du virage et que la route est bien étroite quand même. Alors on s’arrête dans un petit village au fond d’une vallée, les hommes sont au bar bien sûr et regardent notre gros camion d’un air intrigué (il n’y a pas de touristes étrangers par ici). Puis les enfants descendent. Sourires.
On s’attable et on se voit offrir thé, jus d’orange et barres chocolatées à n’en plus finir. On décide alors de commander un soupe, du riz, des haricots, une salade en sirotant un ayran à la paille. Et on papote avec les deux trois mots de Turc qu’on maitrise. Les gens sont gentils. On est bien.

Noord-Zuid-Noord – 24 mei 2016

De 5000 bochten
Bocht na bocht rijden we langs het turquoise water, langs vijgenbomen, hazelaars, notelaars, verschillende soorten fruitbomen, moerbeibomen, allemaal te vroeg in het jaar, maar vol belofte voor de komende maanden. De gele lijn die de weg afbakent past perfect bij de gele een paarse bloemen in de berm en bij het blauw van de zee. Terwijl wij voorin genieten van elk moment organiseren de meisjes achterin alvast een terugkeerfeestje en maken ze lijstjes van wie er wordt uitgenodigd en wat er allemaal te eten zal zijn… Ik probeer hen een beetje bij het moment te houden, we leggen uit hoe lang we al onderweg zijn en hoe lang we nog onderweg zullen zijn, maar ze zitten zo in hun spel en in het feestgevoel, ze hebben er geen oren naar. De uitnodigingen voor volgend jaar zijn dus al geschreven!

Sarikum Lake
Net voor het kuststadje Sinop rijden we een zijweg in naar een meertje. Vanuit een vogelobservatiehut bestuderen we witte egrets, reigers en ander gevogelte. Iets verder in door riet omgeven kanaaltjes zwemmen tientallen schildpadjes. Als we de duinen doorwandelen komen we op een wijds en verlaten strand terecht, het prachtige turquoise water van de zwarte zee vol witte koppen van schuim. Onze namiddag op het verlaten strand, met het springen in de hoge golven, het rondrennen van de kinderen, helemaal bedekt met zand en glimlachen, de zoete helva en de stralende zon is een onverwachte, onvergetelijke verrassing.

Papaver
Door vruchtbare valleitjes vol hoge populieren rijden we het binnenland in, langs bewerkte tuinen en velden waar prachtige witte en paarse papavers in bloei staan. Er wordt in Turkije (onder controle van de overheid) papaver geteeld voor farmaceutische doeleinden, we vragen ons af of dit zulke velden zijn. De enorme zaadhulzen, die ik pluk om te drogen en thuis te planten, gooi ik op aandringen van Jérôme uit het raam. Met het vooruitzicht straks door Iran en zeker Oezbekistan te reizen, waar de grenscontrole naar het schijnt zeer serieus wordt genomen, moeten we inderdaad maar best geen onnodige risico’s zoeken. Maar wat zouden die paarse papavers mooi staan in Mortehan!

Amasya
Dit levendige en pittoreske stadje is de volgende verrassing voor ons. Nadat we in de camion gegeten hebben, besluiten we de stad nog even in te wandelen voor een ijsje, voordat we in bed kruipen. Het prachtige stadje met al haar oude woningen, de burcht op de berg en de oude rotsgraven in de steile bergwanden worden in het donker verlicht in allemaal pastelkleurtjes. Het kan kitscherig lijken maar het charmeert enorm. We flaneren, net als de Turken, langs het paarse water dat de stad in tweeën splitst. Dat de kinderen na deze mooie avondwandeling blijkbaar vergeten zijn dat ze zonder gedoe zouden gaan slapen, zullen we hier maar even achterwege houden… De volgende ochtend lopen we terug in de stad in, op zoek naar een verjaardagscadeau voor Zoé. Ze is 28 mei jarig en vraagt al sinds een maand élke dag hoe lang het nu nog slapen is, of we al hebben geregeld wie bij haar blijft en wie iets gaat kopen or haar, waar we een taart gaan vinden, met wie ze een kroon zal maken,… On de terugweg passeren we een schooltje en op aandringen van de meisjes gaan we binnen. We worden meteen ontvangen door de directrice, die meteen thee laat brengen en ons wat uitleg geeft. De kinderen zijn daar niet in geïnteresseerd, die willen de kinderen zien, de klassen zien, en Lily wil weten wat voor toiletten ze hebben (ze heeft een panische angst voor de Turkse/Franse toiletten…). Het is een chique school, alles glanst en is nieuw en proper, de klassen zijn piekfijn in orde, vol plastiek speelgoed en felle kleuren. Niet echt als ons (fantastische!) schooltje 🙂 De kinderen zijn overdonderd door de ‘hello’s’, ‘how are you’s’ van deze zesjarigen, die het fantastisch lijken te vinden ons even in hun klas op bezoek te hebben.

Close Menu